Je foto’s back-uppen ? Nu of nooit ! 

 

 “Voorkomen is beter dan genezen”Dit spreekwoord geldt zeker voor je fototheekmaar als er echt iets ernstigs zou gebeuren, is er van genezen zelfs geen sprake. Je dierbare visuele geheugen is dan onherroepelijk weg. Dus niet getalmd en back-uppen maar! 

 

"There is no tomorrowschreeuwde Apollo Creed tegen Sylvester Stallone in “Rocky III” en hij had overschot van gelijk. Die back-up van je fotoverzameling nog maar eens uitstellen? Echt geen goed idee! Morgen is het misschien te laat en dan heb je er spijt van. Want er kan veel mislopen: een harde schijf die de geest geeft, geheugenkaartjes die plots onvindbaar blijken, een laptop die gestolen wordt, … Meteen zijn honderden of duizenden foto’s, vele uren werk, kostbare en onvervangbare herinneringen in rook opgegaan. Een drama. Toch is zo’n horrorscenario vrij eenvoudig te vermijden. 

 

Hoe veilig zijn je foto’s ?  

31 maart was de werelddag van de … back-up! Die ons er meteen aan herinnerde dat 30% van de mensen geen back-up van hun data (en dus hun foto’s) maken. En jij? Het meest voorkomende obstakel is de continue stroom van nieuwe opnamen. Wie kan dat tempo bijhouden? Daarom mag je niet vertrouwen op goede bedoelingen of op “als ik ooit eens tijd heb …”. Het is veel beter om een geautomatiseerd, voortdurend bijgewerkt en perfect beveiligd systeem op te zetten.

 

 

 

3, 2, 1… gered ! 

Basisregel nummer één van elk back-upsysteem: bewaar altijd 3 versies. Dus je originele foto’s en 2 kopieën. Bewaar de kopieën op twee verschillende dragers, één thuis en één ergens andersElk beeld is dus op drie aparte plekken aanwezig en één back-up bewaar je niet thuis (om hem te beveiligen tegen brand, overstroming, diefstal, …). Hoe ga je te werk? Bepaal eerst wat je nodig hebt (bijvoorbeeld: hoeveel opslagvolume) en teken dan het “circuit” uit, dat je laat aansluiten op je vertrouwde werkprocessen. Welke datadragers ga je gebruiken? En welke software? Een woordje uitleg … 

 

Selecteer je opslagmedia 

Misschien overbodig, maar toch nog even voor de goede orde: vermijd cd’s, dvds en usb-sticks. Ze zijn te kwetsbaar en bieden onvoldoende capaciteit. Welke dragers heb je dan wel nodig voor je 3 versies? Of anders gezegd: waar kopieer je de geheugenkaartjes naartoe, wat gebruik je voor je lokale back-up en wat voor je gedecentraliseerde back-up? 

 

  1. Je eerste drager is gewoon de interne harde schijf van je computer. Vaak is die echter te benepen voor al het datageweld van je vele foto’s. Gebruik dan een flink uit de kluiten gewassen externe harde schijf. 

  1. Je lokale kopieEen tweede externe harde schijf is altijd mogelijk, maar het neusje van de zalm is een NAS (Network Attached Storage) met minstens twee schijven. Zo’n apparaat biedt verscheidene voordelen, zoals permanente mirroring van de inhoud (in een RAID-configuratie). Een “spiegelbeeld” van je data biedt je extra beveiliging tegen een mechanisch defect. 

  1. Je gedecentraliseerde back-up kan ook op meerdere manieren: in de cloud (een efficiënte en gemakkelijk toegankelijke oplossing) of in een NAS (netwerkschijfdie je bij een betrouwbare vriend of familielid onderbrengt. Belangrijk: die derde drager moet permanent met het internet verbonden zijn om “in real time” te kunnen back-uppen. 

 

Automatiseringssoftware: essentieel ! 

Tot nu toe hadden we het over de fysieke media. Maar back-uppen is veel meer dan je foto’s kopiëren. Je hebt specifieke software nodig (die vaak met een NAS wordt meegeleverd) om je back-ups perfect en met vaste intervallen (dagelijks, wekelijks, …) automatisch uit te voeren. Dus zodra je nieuwe foto’s in het circuit brengt - op je eerste drager - worden die lokaal gekopieerd en vervolgens ook naar de cloud of harde schijf op afstand verstuurd. Als het systeem eenmaal functioneert, heb je er eigenlijk geen omkijken meer naar. En kun je weer op beide oren slapen!